Gestrand aan de kust van Queensland

Redactie Lonely Planet
Gestrand aan de kust van Queensland

In het verre noorden van Queensland vind je Jura-regenwouden, kustlijnen vol koraal, het geharde leven van de outback en uitgestrekte, wilde natuur.
Ooit werd het gebied gevreesd door ontdekkingsreizigers, maar nu is het uitnodigend en toegankelijk.

Op 17 juni 1770 kwam Kapitein James Cook, naarstig op zoek naar een schuil-plaats, met zijn doorweekte bemanning aan bij de monding van de rivier de Waalum-baal. Nadat hij het legendarische continent Australië had gevonden en een groot deel van de oostkust in kaart had gebracht, liep hij op een messcherp rif. Het bleek een deel van een schitterend doolhof van koraal, dat hij later het Great Barrier Reef zou noemen. Zijn schip, de HMS Endeavour, maakte slagzij en begon vol te lopen met water. Wanhopig probeerde de bemanning het gat te dichten met wol en mest.

Een standbeeld van kapitein James Cook in Cooktown. Zijn schip strandde hier in 1770 | Foto: Ewen Bell / Lonely Planet

Voor hen lag een wilde horizon met moerassen, mangroves en bossen vol eucalyptus. De rivier zelf werd bewaakt door dodelijke zoutwaterkrokodillen, maar voor Cook was dit zijn redding na dagen van angstaanjagende tegenspoed op zee.

Bijna 250 jaar later staat Alberta Hornsby op de top van een hoge heuvel en volgt de kromming van de rivier met een uitgestoken vinger. ‘Ze brachten hun schip hierheen,’ zegt ze. Haar haren wapperen wild in de wind. ‘Ze stopten bij de haven om de schade te repareren.’

Alberta is historicus. Haar voorouders woonden in het gebied van de Bulgun-warrastam dat ten westen ligt van hier, beschut tussen de steile hellingen van de Dickson- en Hendersonbergmassieven. ‘Dit is het land van de Guugu Yimithirr,’ zegt ze. ‘Het was een speciale ontmoetingsplek voor 32 stammen. Mensen kwamen er om kinderen te
baren, huwelijken te regelen en ruzies
op te lossen. Het was een neutrale zone, waar niet met opzet bloed vergoten
mocht worden.’

De rivier de Endeavour, zo genoemd door James Cook toen hij hier strandde met zijn schip | Foto: Ewen Bell / Lonely Planet

Hier vond het “eerste betekenisvolle contact” tussen de Europeanen en de inheemse bevolking van Australië plaats. ‘De Aboriginalmannen vroegen de Europeanen om hun kleding uit te trekken zodat ze hen van top tot teen konden inspecteren. Ze waren enorm geboeid door de dieren die aan boord waren, de varkens en de kippen, die hadden ze nog nooit gezien.’ De bemanning van Cook was op hun beurt heel nieuwsgierig naar de lokale planten en de vreemde, hollengravende en rondhupsende dieren: “kangoeroe” is een woord van de Guugu Yimithirr. Maar toen het schip van kapitein Cook 48 dagen
later weer de zeilen hees, zette de lokale bevolking overal heuvels in de hens voor een reinigingsceremonie die kwade geesten zou verdrijven.

Tegenwoordig heet de rivier de Endeavour en de nederzetting op de oever Cooktown, een plaatsje met 2.400 mensen en een mooie baai, een rustige hoofdweg en niet minder dan zes monumenten voor de man die het zijn Engelse naam gaf. Het is de meest noordelijke plaats aan de oostkust van Australië, een eenzaam stukje beschaving midden in een regio die bekendstaat als Far North Queensland. Vanaf hier strekt de wildernis zich met weinig onderbreking uit naar het scherpe puntje van het Australische continent. Naar het zuiden ligt zo'n 320 kilometer aan regenwoud tot Cairns, het duikoord waar de tocht naar het noorden voor veel reizigers eindigt.

Dit verhaal komt uit het winternummer van Lonely Planet. Bestel hem hier en lees verder!

Openingsbeeld: Ewen Bell / Lonely Planet


Volg Lonely Planet op Instagram