Een kijkje in de stoffige outback van Zuid-Australië

Redactie Lonely Planet
Een kijkje in de stoffige outback van Zuid-Australië

Maak een roadtrip naar de spectaculaire, dorre outback van Zuid-Australië en ontmoet de bewoners van "the middle of nowhere". 

Geoff Scholz schermt met een hand zijn helderblauwe ogen af en tuurt de hitte in. De brandende zon schijnt over een stoffig landschap bezaaid met de botten van geveld vee, omringd door surreële rotsformaties. Een paar eenzame eucalyptusbomen groeien in zand dat duizenden jaren geleden is achtergelaten door de zee. Een toonbeeld van overlevingskracht in deze dorre, droge regio.

‘Nou, ik kan wel een biertje gebruiken,’ zegt Geoff. De staat Zuid-Australië heeft vaker te maken met droogtes, maar dit jaar kunnen de bewoners van dit uitgedroogde land zich na maanden zonder neerslag nog maar net redden. De kangoeroes graven boomwortels uit op zoek naar een beetje vocht en de emoes zijn gestopt met voortplanten, hopend en wachtend op regen. ‘De lucht is zo droog dat mijn hoed is gekrompen,’ zegt Geoff. ‘Dat, of mijn hoofd is opgezwollen.’

De rit onder de eucalyptusbomen van Gawler Ranges | Foto: Philip Lee Harvey / Lonely Planet

Na nog geen dag rijden naar het westen vanaf Adelaide wacht de echte rimboe in zijn wildste vorm, ver weg van het lawaai van auto’s en vliegtuigen. Op een paar uur rijden naar het binnenland vanaf de kalkstenen kliffen van Elliston en het schuimende water van de Grote Australische Bocht ligt Geoff’s thuis: de nationale parken Gawler Ranges en Pinkawillinie.

Als voormalig tarweboer heeft Geoff heel wat tijd doorgebracht in de natuur, waardoor hij veel kennis heeft van de flora en fauna in de regio. Die kennis deelt hij nu door bezoekers rond te leiden door dit onbetreden gebied van Australië. We stappen in zijn terreinwagen en trekken eropuit in de outback.

Kangoeroes op zoek naar schaduw in Gawler Ranges | Foto: Philip Lee Harvey / Lonely Planet

Al snel doemt er een tafereel op dat de afgelopen eeuwen niet of nauwelijks is veranderd: een familie emoes rent over een open vlakte en laat een net zo grote stofwolk opvliegen als onze auto. Een stel grijze reuzenkangoeroes voegt zich bij de groep en snelt met grote sprongen op de horizon af, terwijl een paar roze kaketoes langs vliegt.

Geoff’s hoofd zit - onder zijn snel krimpende hoed - vol met verhalen over wilde dieren uit de omgeving. Zo vertelt hij over dolfijnen en zeeleeuwen die de beschutte wateren van de nabijgelegen Baird Bay als kraamkamer gebruiken. Velen van hen hebben littekens van hun ontmoetingen met witte haaien in de Indische Oceaan.

Hij wijst vanuit de auto op wombat-holen bij een heilige okerput van de Aboriginals, en beschrijft de bijzondere troepen mierenegels die hij soms tegenkomt, bestaand uit een enkel vrouwtje en een dozijn mannelijke aanbidders. In zijn kamp aan de rand van de nationale parken verzamelt zich een groep smaragdgroene port-lincolnparkieten. Ze krijgen gezelschap van vier grote varanen, die, vertelt Geoff, ‘ons een plezier doen door de schorpioenen op te eten’.

Laatst kwam er een onverwachte bezoeker langs bij zijn huis: een wees-kangoeroe die zijn moeder had verloren in dezelfde hittegolf die de staat Victoria in vuur en vlam zette. ‘We gaven het kereltje wat water, muesli en stukjes appel. Hij kwam er snel weer bovenop.’

De zoutkorst van Lake Gairdner | Foto: Philip Lee Harvey / iStock

We rijden verder, langs de Kolay Mirica Falls, indrukwekkende pilaren van rode steen geboren in een vulkaan, tot we het prachtige Lake Gairdner bereiken, dat is bedekt met een glinsterende, witte zoutkorst van meer dan een meter dik. De gigantische zoutvlakte is maar liefst 40 kilometer breed en 160 kilometer lang. Geoff droomt ervan om ooit zijn eigen blokart te bouwen en er op een dag overheen te zeilen.

Het was bij een ander zoutmeer dat hij besloot het harde boerenleven, van huis uit meegekregen, achter zich te laten. ‘Mijn vader was tarwebroer en mijn broer is het nog steeds. Tussen de zaai- en oogstseizoenen reisde mijn vader vroeger naar het mijnstadje Coober Pedy om opaal te delven. Hij nam de stenen mee naar huis om te bewerken en al snel ging ik ook zelf op zoek. Aan de rand van Lake Sturt vond ik gips, rozenkwarts en versteend hout. Ik bracht er steeds meer tijd door en realiseerde me hoe goed ik dit bijzondere gebied eigenlijk ken. Toen besloot ik het ook aan anderen te laten zien.’

Deze opalen halen ze in Zuid-Australië uit de grond | Foto: Philip Lee Harvey / Lonely Planet

We rijden dieper de outback in en stoppen bij Thurgla Station, een schapenboerderij naast de Gawler Rangers. Hier stelt Geoff me voor aan de familie Morris. Ian Morris is net hersteld van een motorongeluk met een kangoeroe waar hij een klaplong, een schouder uit de kom en een gebroken sleutelbeen aan overhield. Acht uur lang moest hij in de heftigste hitte van de dag wachten tot zijn broer hem kon redden.

Ians kleine zoontje Cody komt aanrennen met een vreemder wezen in zijn armen dan George Lucas had kunnen bedenken: een en al klauwen en een gekke snuit met stekelharen. ‘Dit is Meggy,’ brabbelt hij. ‘Ze is een baby-wombat. Wil je haar vasthouden?’

En van het zuiden naar het noorden: Adembenemende dronebeelden van Kakadu National Park.

Openingsbeeld: Philip Lee Harver / Lonely Planet


Volg Lonely Planet op Instagram