Chili: de roep van de Atacamawoestijn

Redactie Lonely Planet

In het noorden van Chili ligt de droogste streek op aarde, waar de nakomelingen van oude nomaden een simpel en rustig bestaan hebben, gevoed door mythes en tradities.

Bij zonsopgang in Salar de Tara is het een drukte van belang in het zoutwatermeer. Duizenden flamingo’s waden met lange slanke poten door het metaalblauwe water. De wind wordt wakker uit zijn slaap en begint het water op te zwiepen in een dans. Naast het zoute meer zijn honderden lama’s op weg door gele graslanden. Ze kijken met hun grote ogen onder lange wimpers door, langs fluweelzachte neuzen, hun oren gedraaid naar het geknerp van het zout onder hun hoeven.

Het drasland Salar de Tara ligt in het Reserva Nacional Los Flamencos, dat wordt doorsneden door de Steenbokskeerkring. Het reservaat ligt aan de oostelijke rand van de Atacamawoestijn, vlakbij de grenzen met Bolivia en Argentinië, en ten zuiden van de dorre bergen van het Hoogland van de Andes. Het is een zone met permanente en seizoensmeren, maar naar het westen ligt een gebied bijna zo groot als Engeland dat bekend staat als de droogste regio op aarde. Nergens ter wereld, behalve op het ijzige Antarctica, valt er minder regen. Sterker, er zijn delen van deze woestijn waar regen nog nooit is waargenomen. Het gebarsten, stoffige landschap houdt het midden tussen de maan en Mars. Er kan geen plant of dier leven.

De bejaarde Audina drijft haar schapen en geiten door Guatín Gorge | Foto: Philip Lee Harvey

Toch komt er in sommige delen van de woestijn leven voor. De lama’s rond Salar de Tara worden door de seizoenen heen gehoed door herders die tot het Atacameño-volk behoren. Ze stammen af van de precolumbiaanse indianen die hier meer dan 3.000 jaar geleden zijn komen wonen. Ze wonen in ayllus, kleine autochtone gemeenschappen, op heuvels en in ravijnen. Ze leven van vluchtige stroompjes, het verbouwen van gewassen op de terrassen die aangelegd zijn door hun voorvaderen en het houden van geiten, schapen en lama’s. Folklore waait nog door deze oases als de zachte oceaanbries. Er is een rijke mythologie die de mensen verbindt met hun nomadische voorvaderen en het buitengewone landschap dat ze bewonen.

Lokale gids Rosa kent alle mythes van het gebied | Foto: Philip Lee Harvey / Lonely Planet  

Een vulkanisch temperament

‘Licancábur is een prins en Quimal is een prinses,’ zegt Atacameño-gids Rosa Ramos Colque.’ Ze spreekt langzaam en bedachtzaam en wijst om de beurt naar de beide bergen. De bergpieken staan aan de andere kant van de Salar de Atacama, waar Rosa staat. Het is een enorme zee van zout van meer dan 3.000 km2 ten westen van de Salar de Tara. De pieken van de Licancábur en de Quimal staan zo’n 80 kilometer uit elkaar, maar de lucht is zo helder dat de afstand veel kleiner lijkt. Naast de perfecte piramidevormige, met sneeuw bedekte vulkaan Licancábur staat nog een berg met een opvallend vlakke top. Het lijkt haast alsof de berg onthoofd is; en dat is precies wat de legendes vertellen. ‘Juriques, de metgezel van prins Licancábur, was ooit net zo perfect. Hij had ook een hoofd,’ zegt Rosa. ‘Totdat hij prinses Quimal verleidde.’ De vulkaanlegendes zijn hier alom bekend. Verschillende versies doen de ronde, maar iedere Atacameño kan je vertellen wat er volgde na zijn verraad. Quimals vader, Lascar, een vormeloze berg in het oosten, onthoofdde Juriques en verbande Quimal naar de andere kant van de zoutvlakte. Dit gedrag past goed bij zijn karakter. Lascar is de meest actieve vulkaan van het in de Pacifische Ring van Vuur gelegen deel van de Andes. In 1993 stootte hij een aswolk uit die reikte tot Buenos Aires, 1.500 kilometer naar het zuidoosten. Ook deze eeuw heeft hij al verschillende keren iets van zich laten horen. Licancáburs hart was gebroken door de verbanning van Quimal en hij huilde zo veel tranen dat er een meer ontstond in zijn krater.

Eerbied voor de vulkanen

Legendes als deze laten zien dat er een onwrikbare eerbied is voor de vulkanen in dit gebied. In de Atacama zijn ze zowel scheppers als vernietigers. De oude Atacameño’s bouwden dorpen van vulkanisch gesteente op plaatsen waar water langs de steile vulkaanhellingen liep. Door de eeuwen heen heeft het vulkanische as ervoor gezorgd dat er vruchtbare delen ontstonden in het dorre landschap. 45 minuten ten zuidoosten van de gemeente San Pedro de Atacama liggen twee dorpjes onder de rokende krater van Lascar. Allebei heten ze Talabre. Dit heeft niet te maken met een gebrek aan fantasie, maar met een eruptie van Lascar in de jaren 70. De vulkaan vervuilde het rivierwater van het originele Talabre met as. De bevolking, overgeleverd aan de grillen van de vulkaan, plukten de met gras bedekte daken van hun huizen en verplaatsten hun dorpje verder naar beneden op de helling op een plaats waar ze schoon water heen konden leiden. En zo werd een tweede Talabre geboren.

De flamingo's eten microscopisch kleine algen n de Salar de Tara, dat deel uitmaakt van een natuurreservaat waar de zwerm samenleeft met de verwante Andesflamingo's en Chileense flamingo's | Foto: Philip Lee Harvey

Geen woorden maar tekeningen

Van het oude dorp is nu slechts een kerkhof over, naast wat ruïnes op de bodem van Quebrada Kezala, een steil ravijn dat ooit gebruikt werd als rustpunt voor lamakaravanen. Herders graveerden hier vroeger onder een heldere sterrenhemel tekeningen in de rode, steile wanden: flamingo’s maakten ze, en jaguars uit de Boliviaanse jungle. ‘De Atacameño’s schreven niet,’ zegt Rosa, ‘dus rotstekeningen waren een middel om uitdrukking te geven aan iets speciaals in hun leven.’ Ze kenden de lama’s het best en legden hun verschillende karakters vast: sommigen geïrriteerd, met hun oren plat tegen hun hoofd, anderen mak voortstappend. 

Bij Salar de Atacama is de zon begonnen aan haar neerwaartse tocht door een strakblauwe hemel en er staat slechts een zuchtje wind. De legende van de vulkanen eindigt met een ontroerende ontknoping. ‘De prinses smeekte om vergiffenis,’ zegt Rosa. Haar ogen zijn gericht op het silhouet van de verbannen berg. ‘Want ze had altijd van haar prins gehouden. En dus reikt op één dag in de maand april de schaduw van Licancábur bij zonsopgang over de zoutvlakte en raakt de voetheuvels van Quimal aan.’

Dit artikel verscheen eerder in Droomtrips van Lonely Planet, het is het eerste deel van een driedelige serie over de Atacamawoestijn in Chili. 

Lees ook: Chili krijgt er vijf nationale parken bij.

Openingsbeeld: Philip Lee Harvey