3x nationale parken in Nederland

Redactie Lonely Planet

Nederland telt maar liefst 21 nationale parken; stuk voor stuk unieke gebieden om in te wandelen, fotograferen en lokaal wild te spotten. Soms ongerept, soms een handje geholpen door de mens, maar in ieder gebied staat de natuur voorop. Trek je wandelschoenen aan of spring op een mountainbike om de natuur van de lage landen te ontdekken.

Weerribben-Wieden

Er drijven weliswaar geen alligators door dit moeras, maar het schone water is wel de thuisbasis van vele soorten andere dieren en planten. Het bijzondere aan Weerribben-Wieden is dat het natuurgebied vrijwel volledig door de mens is gemaakt. Doordat er vanaf de middeleeuwen turf werd gestoken, ontstond hier het grootste zoetwatermoeras van Noordwest-Europa. Door de afwisseling van land en water is er een grote biodiversiteit, met plant- en diersoorten die gedijen in laagveenmoeras. Dankzij het schone water kan de ooit in Nederland uitgestorven otter hier zelfs weer rondzwemmen.

Van oudsher wordt in de Weerribben riet geteeld, maar de ambacht verdween langzamerhand. Om het gebied te behouden en te voorkomen dat het in een dicht moerasbos verandert, wordt de Weerribben-Wieden nauwkeurig beheerd door mensen. Als je er bent merk je daar echter niks van, want hoewel het gebied volledig door de mens is gemaakt en onderhouden, is het een schatkamer aan flora en fauna.

Temidden van dit alles ligt het pittoreske dorpje Giethoorn, ooit een arme veenkolonie, maar dat is nu moeilijk voor te stellen. Terwijl je over de grachten vaart, volg je automatisch de sporen van het verleden: turfstekers en rietsnijders navigeerden staand op punters door het gebied, waardoor de bruggen hoger moesten zijn dan normaal. Door een boottocht te maken of een kano te huren ontdek je dit gebied vanaf zijn beste kant: het water.

Bloeiende heidevelden op de Sallandse Heuvelrug. Foto: Sjo/iStock

Sallandse heuvelrug

Hoge pieken in Nederland, het kan! De Sallandse Heuvelrug is een nationaal park tussen Deventer en Zwolle, waar glooiende heuvels afgewisseld worden door bossen en heidevelden. Het hoogste punt, de Koningsbelt, ligt maar liefst 75 meter boven zeeniveau. Het hele jaar door kun je hier heerlijk wandelen, fietsen en mountainbiken, en als er een pak sneeuw ligt worden er zelfs speciale langlaufroutes over de heuvels uitgezet die het gebied omtoveren tot een Scandinavisch winterparadijs.

De heide zorgt voor een gevarieerde omgeving voor insecten, die zeldzame vogels aantrekken. Tot voor kort was de Sallandse Heuvelrug de enige plek in Nederland waar het korhoen nog voorkwam. Ook de zeldzame nachtzwaluw smult van de insecten op de heide. Even verderop grazen Schotse hooglanders, dus mogelijkheden om Nederlands wildlife te spotten zijn er zat.

De heide is op zijn mooist in augustus en september, wanneer deze in bloei staat. Je wandelt dan door zeeën van paarse bloemetjes. Om de heide te behouden heeft het gebied wel wat hulp van de mens nodig. Zonder natuurbehoud zouden de laaggelegen stukken heide veranderen in bos.

Je kunt niet anders dan sportief doen op de Sallandse Heuvelrug. De hoogteverschillen vragen om een rit met een mountainbike, dwars door de bossen en over de heuvels. Deze routes zijn alleen open tussen oktober en maart, maar in de zomer leent het gebied zich goed voor een flinke wandeling. Ook wielrenners komen hier aan hun trekken met routes dwars door het schitterende natuurgebied, zoals de Motieweg met een stijgingspercentage van 10 procent. 

On-Nederlands "woestijnlandschap" in de Loonse en Drunense Duinen. Foto: barmalini/iStock

Loonse en Drunense Duinen

Zand zo ver je kunt kijken. Niet de Sahara of Death Valley, maar in de Loonse en Drunense Duinen. Op deze stuifzandvlakte boven in Noord-Brabant, een van de grootste van West-Europa, waait het altijd, waardoor het landschap continu verandert. Het gebied heeft een interessante geologische geschiedenis, waarin met man en macht is geprobeerd het zand in toom te houden. Als je rondloopt over de Loonse en Drunense Duinen zijn de restanten daarvan nog zichtbaar: van de aangeplante bomen om het stuiven tegen te houden, zie je de toppen nog net boven het zand uit piepen. Verder is het gewas compleet bedolven onder de duinen.

Tegenwoordig omarmt men het zand en wordt de vlakte juist behouden zoals hij is, door er schapen op de heide te laten grazen. Zo voorkomt natuurbeheer dat er te veel heide groeit en worden jonge boompjes meteen in de kiem gesmoord, met als bijkomend voordeel dat je zomaar oog in oog kunt komen te staan met een wollige kudde tijdens een dwaaltocht door dit gebied. Het zand is niet geschikt voor ieder dier en plant, omdat het zand overdag en ’s nachts wel 50 graden in temperatuur kan verschillen. Daarom zie je hier juist dieren als hagedissen, zandloopkevers en zandbijen, die gedijen bij een droge omgeving.

De zandduinen en omringende bossen zijn een lust voor mountainbikers, dus er zijn verschillende mountainbikeroutes in dit gebied uitgezet (let op: een MTB-vignet is hier verplicht). Er zijn tevens diverse wandelroutes om je onder te dompelen in de natuur of om meer te leren over de geschiedenis van het gebied. Bijvoorbeeld langs een groot Duits munitiedepot dat hier in 1944 is opgeblazen, waarvan de oplettende bezoeker nog enkele restanten kan vinden. Maar bovenal zijn de Loonse en Drunense Duinen tegenwoordig een plek om je hoofd even helemaal leeg te maken.

Openingsbeeld: Met dank aan MarketingOost