De Zuid-Afrikaanse Goudkoorts

Redactie Lonely Planet

Volg het spoor van gelukzoekers door de bergen van Zuid-Afrika en beleef een van de originele safari’s van het land, oog in oog met wilde dieren.

De wind steekt op en maakt het de bruid niet makkelijk. Terwijl gasten zich om haar en haar kersverse echtgenoot heen verzamelen voor een foto, waaien haar rokken zo ver omhoog dat er vier mensen voor nodig zijn om ze te bedwingen. Het gewenste kiekje wordt niet geschoten; een laaghangende wolk nestelt zich over de berg die als achtergrond moest dienen en het beroemde ravijn dat eronder ligt wordt volledig aan het zicht onttrokken. Het gezelschap geeft het op, propt zich in een stel minibusjes en rijdt weg.

De zon verschijnt kort door de wolken | Foto: Jonathan Gregson / Lonely Planet 

In de Drakensbergen is geduld een schone zaak. Terwijl bavianen met griezelig lange tanden rondsluipen over het plateau om mij heen, ga ik op een steen zitten en wacht. Flarden mist verschijnen en verdwijnen als nieuwsgierige geesten. Na een uur vindt de grote onthulling plaats: de wolken drijven uiteen en de toppen van de Drie Rondavels komen te voorschijn. Vanaf de bodem van het ravijn 400 meter beneden me schieten ze omhoog, de rivier de Blyde als donkergroene sliert zichtbaar langs de bergwand. Een enkel moment, waar de begeleiding van een engelenkoor niet had misstaan, worden de Mpulamungavlakten ver weg in het oosten opgelicht door gouden zonnestralen. Dan keren de wolken terug en worden de velden met sinaasappel-, mango- en avocadobomen wederom verstopt achter een dikke nevel.

De Drie Rondavels vormen het beginpunt van een 25 kilometer lang ravijn. Hierlangs loopt een weg, de Panorama Route, die vele bezienswaardigheden verbindt: hoge watervallen met regenbogen, een eenzame piek van kwartsiet die de lucht in steekt als een bizarre wolkenkrabber en diepe, beboste kloven vol klipspringers en luipaarden, met grootse namen als Wonder View en God’s Window. En toch komen mensen hier nog niet zo heel lang heen om puur te genieten van het uitzicht. Tot in de tweede helft van de 20ste eeuw kwamen de bezoekers voor een tastbaardere beloning.

Thomas Bourke, wiens familie naar Zuid-Afrika kwam vanuit Ierland, werd nooit beloond voor zijn geduld. Hij vermoedde dat er goud zat in de stenen rond de rivier de Blyde en is begonnen te graven in de oevers halverwege het ravijn. Het geluk heeft hij er nooit gevonden. Alles wat er nog over is van zijn inspanningen zijn wankele hopen puin en een bordje dat mensen waarschuwt niet verder te lopen over de instabiele puinhelling.

Goud is de reden dat zoveel mensen in deze plaats zijn blijven hangen | Foto: Jonathan Gregson / Lonely Planet

Uiteindelijk heeft hij wel een soort van compensatie gekregen; de plek kreeg zijn naam. Meerdere watervallen kletteren neer over het gladde, oranje zandsteen van Bourke’s Luck Potholes. Ze kolken door inkepingen en tunnels die door de eeuwen heen zijn uitgesleten. Blauwe spreeuwen nestelen in kloven op de lage kliffen en bezoekers in parka’s werpen muntjes in de diepste poelen voor geluk – opvallend, gezien de onfortuinlijke naamgever van deze plek.

Bourke’s medegelukzoekers hadden meer succes op een plek aan het einde van de Panorama Route. Daar werd in de jaren 1850 goud gevonden: het startsein voor een toevloed aan goudzoekers van over de hele wereld. Mac Mac Falls (een enkele watersliert die 70 meter omlaag valt in een donkere krater) is genoemd naar het idee dat de helft van de mensen die zijn geluk hier kwam beproeven Schots was. Tegenwoordig wordt er alleen nog zaken gedaan door marktlui met kraampjes vol kleien potten, houten nijlpaarden en trommels van dierenvel. Anderhalve kilometer stroomafwaarts is er nog minder activiteit te bespeuren. Het water vormt er natuurlijke baden waarin gezinnen en groepen tieners lekker luieren, waarna ze tassen vol worstjes legen boven openbare barbecues. Het is moeilijk voor te stellen dat deze glooiende, groene hellingen ooit het thuis waren van 1.500 mensen die hier neerstreken in de hoop rijk te worden. 

Dit artikel komt uit het winternummer van Lonely Planet magazine. Verder lezen? Bestel hem hier!

Openingsbeeld: Jonathan Gregson / Lonely Planet