Het eten dat groeit op de Kostereilanden

Redactie Lonely Planet
Het eten dat groeit op de Kostereilanden

Voordat je de Noorse grens bereikt in het noorden van Zweden, kom je de Kostereilanden tegen: het absolute hoogtepunt van de kust van Bohuslän. De eilandengroep is een grote verzameling van groene bossen en weiden.

Een vreemde eend in een decor van woeste golven, kale rotsen en eenzame vuurtorens. Het woord “Koster” zou verwijzen naar het Oud-Noorse woord voor “voederplaats”. Millennia geleden zeilden jagers en verzamelaars vanaf het vasteland naar deze vruchtbare eilanden en keerden terug met boten vol bij elkaar gescharreld eten.

Tegenwoordig vindt er een ander soort migratie plaats. Duizenden Zweedse families met labradors, tandems en blonde kindjes stappen van veerboten om hier
hun zomervakantie te vieren. Ze brengen de lange augustusdagen door met picknicks in het bos en boottochtjes op lagunes die op zomeravonden oplichten van de plankton.

Stefan van Bothmer en zijn vrouw Helena | Foto: Matt Munro / Lonely Planet 

Bioloog en historicus Stefan van Bothmer is een man die dit paradijs bezocht en besloot nooit weer te vertrekken. Samen met zijn vrouw begon hij een café op het eiland Sydkoster. Uitgerust met een degelijke fiets en een schoudertas gemaakt van eland-oor neemt hij me mee op een ecologische en culinaire tour van het eiland. Auto’s zijn verboden op de Koster-eilanden – hoewel sommige oudere bewoners wel met gevaarlijke snelheid rondscheuren in golfbuggy’s – dus de fiets is het snelste vervoermiddel. We rijden langs de kust en komen bosjes esdoornen, beuken, espen en moerbeibomen tegen. We passeren lege aanlegsteigers waar kreeftenfuiken op de kade liggen, bedekt met zeepokken door jarenlang gebruik.

‘De Koster-eilanden waren speciaal omdat de bewoners zowel vissers als boeren waren,’ vertelt Stefan. Hij zet zijn fiets tegen een hek aan. ‘Lang geleden leefden de mensen hier erg geïsoleerd. Je moest een beetje van alles wat doen om je te redden. Terwijl de mannen van Sydkoster op lange visserstochten gingen, zorgden hun vrouwen en kinderen voor de tuinen op de vruchtbare grond landinwaarts.’

 Een zomersalade met feta, tomaten en eetbare bloemen bij Kosters Trädgårdar | Foto: Matt Munro / Lonely Planet

We fietsen over landweggetjes richting het hart van het eiland, waar Stefan me zijn eigen biologische groentetuin laat zien. De tuin is helemaal aangelegd volgens Kosterse traditie: een stukje land in de schaduw van hoge bomen, waar de kippen kakelen en de geur van kruiden in de lucht hangt. In het aangrenzende café laat Stefan me trots de oogst zien: tomaten zo groot als kanonskogels, komkommers die wel honkbalknuppels lijken. Dan onthult hij zijn geheime wapen: zeewier dat hij aan de kust heeft verzameld en over de grond strooit om zijn planten te bemesten. Zelfs hier geeft de zee leven.

‘We hebben geleerd van de traditie van onafhankelijkheid op het eiland,’ zegt Stefan, terwijl hij gebaart naar de tuin. ‘Als je elke dag je planten ziet groeien, als je voor ze zorgt, maakt het je beeld van de natuur compleet. Het zorgt ervoor dat alles op het eiland op zijn plek valt.’ 

Verder lezen: De mosselen van de koning

Openingsbeeld: Matt Munro / Lonely Planet


Volg Lonely Planet op Instagram