Sterke verhalen van Tanzania: De olifant die het water vond

Redactie Lonely Planet
Sterke verhalen van Tanzania: De olifant die het water vond

“Het had al maanden niet geregend en het dorp had dorst. Het stamhoofd volgde een kudde olifanten en zag dat ze naar dezelfde plek gingen. Hij wist dat de olifanten erg wijs waren en water in de grond konden voelen. De man begon te graven en na vele dagen vond hij water.”

In het Tanzaniaanse Zuid-Amboseli vormen stofhozen de enige beweging in de lome, drukkende hitte van de namiddag. De meeste dieren hebben beschutting gezocht onder het struikgewas of in een hol. Ze wachten tot de zon ondergaat en de besneeuwde top van de Kilimanjaro in de verte paars kleurt. Er drijven liederen over de vlakte, toverachtige melodieën van mannenstemmen en klingelende bellen. Waar het gezang vandaan komt, is een mysterie.

Olifanten vind je overal | Foto: Jonathan Gregson / Lonely Planet

Tot plotseling een veekudde opduikt. Jonge jongens gekleed in het traditionele shuka-gewaad van de Masai slenteren over de vlakte. Met een smalle stok geven ze de koeien een tikje op hun benige achterwerk. Bij de watertrog, het uiteinde van een zeven meter lange tunnel door de harde rots, wachten de koeien ongeduldig op hun beurt. Jonge Masai-mannen met rood geverfde vlechten en zilveren juwelen staan beneden tot hun knieën in een modderige poel en gooien onder een ritmisch gezang emmers met water omhoog om de trog te vullen; de koebellen vormen hun achtergrondkoor.

Lolepo is zoon van het stamhoofd | Foto: Jonathan Gregson / Lonely Planet

Bij de ingang van de bron, achterovergeleund in de schaduw van een gele acacia, geniet Lolepo Lesongoi van een korte pauze. Hij ziet er koninklijk uit met zijn lange, bungelende oorlellen en een staalblauwe shuka. Lolepo is de zoon van het stamhoofd dat, zoals het verhaal gaat, deze “zangput” ontdekte door de wijze, oude olifanten te observeren. Hij lacht. ‘Olifanten zijn onze vrienden, en we delen graag ons land en ons water met ze, maar ze hebben deze put niet voor ons gevonden.’ Hij is even stil om de vliegen bij zijn gezicht weg te slaan. ‘Mijn vader vond een klein gat en begon te graven. Destijds dacht iedereen dat hij gek was!’

De klederdracht van stamleden is ontzettend kleurrijk | Foto: Jonathan Gregson / Lonely Planet

De olifanten hebben de put dan wel niet gevonden, maar ze hebben er zeker voordeel van. Soms ziet Lolepo ze hier ’s nachts terwijl ze de poel bijna helemaal leegdrinken. Je komt de olifanten overal tegen op de savanne: enorme, grijze gevaartes die door het land sjokken of loom heen en weer wiegen terwijl ze vakkundig de takken van een acacia afbreken en met hun slurf in hun mond stoppen. Er wordt gezegd dat ze tegen het einde van hun leven naar Zuid-Amboseli reizen om hier te genieten van de rust, ver weg van de drukte en het lawaai van het populairdere Amboseli National Park, net over de grens in Kenia in het noorden.

Al met al is het geen slechte plek om met pensioen te gaan. Als het laatste licht van de dag langzaam verdwijnt komen meer dieren tevoorschijn uit hun schuilplekken. Zandhoenders en Geelkeelfrankolijnen vluchten weg als onze jeep te dichtbij komt. Verderop in het lange gras staat een kudde briesende zebra’s naar ons te kijken, voordat ze zich bliksemsnel omdraaien en weg galopperen in een grote stofwolk. Even verderop houden ze weer halt, met nerveus bewegende oren. Dan springt een groep antilopen ons blikveld in en zigzagt voor ons uit over de zandweg.

Meer volksverhalen over de wilde dieren van Tanzania lees je hier!

Openingsbeeld: Jonathan Gregson / Lonely Planet


Volg Lonely Planet op Instagram