Laat je inspireren op het ultieme festival: Burning Man

Redactie Lonely Planet

Niet lang nadat ik aankom in de woestijn besef ik dat die me probeert te vermoorden. Het land is hard gebakken door de meedogenloze zon. De wind slaat stof driftig in het rond. De playa lijkt zich tot in de oneindigheid uit te strekken. Het is hier te heet en te droog voor welk leven dan ook om zich welkom te voelen. Dit is de Black Rock Desert van Nevada: 2.500 vierkante kilometer aan helemaal niets. Het is zo plat en leeg dat je hier misschien zou komen om een snelheidsrecord te verbreken of een raket de ruimte in te lanceren. Wat voor idioten zouden dit rare vacuüm zien en besluiten er een feest te geven?

Dit artikel komt uit het nieuwste Lonely Planet magazine. Wil je meer reisinspiratie? Koop het magazine hier!

We komen aan in een konvooi. Het is de laatste week van augustus en honderden bussen, campers, verhuiswagens en auto’s ploegen zich een weg over Highway 34. Het laatste stukje bewoonde wereld laten we achter ons, een klein plaatsje genaamd Gerlach. Bij het bereiken van de onverharde woestijnweg zakt de snelheid naar 15 kilometer per uur. Bij de poort nodigt een welkomstcomité ons uit om uit de wagens te klimmen en in het stof te rollen. Ze dragen bondagekleding of helemaal niets en ze willen ons een knuffel geven. ‘Welkom thuis,’ zeggen ze, wat wil zeggen: welkom bij Burning Man.

Burning Man is gestart in 1986 door kunstenaars Larry Harvey en Jerry James en laat zich moeilijk definiëren. Soms lijkt het wel een enorme rave, dan weer een openluchttentoonstelling of een extreem geval van survivalkamperen. Ooit was dit het domein van vrijheidslievende hippies met hun kop vol LSD, maar nu kun je er net zo goed techmiljardairs uit Silicon Valley tegen het lijf lopen – ook met hun kop vol LSD. Het toneel waarop alles gebeurt is Black Rock City, een tijdelijke metropool in de vorm van een enorm hoefijzer met in het midden een gigantisch houten beeld van een man.

Het welkomstcomité wijst ons de weg naar ons kampement, 7:45 E. De wegen lopen allemaal uiteen vanuit het centrum en hebben nummers als van een klok, van 2 tot 10. De wegen die daar weer loodrecht op staan hebben letters. Eerst komt de boulevard in het midden van het hoefijzer en dan A, B, C enzovoorts, tot aan L. Dit simpele systeem zorgt ervoor dat je flink je best moet doen om te verdwalen, waar ik in de week die volgt desalniettemin herhaaldelijk in slaag.

Festivalgangers verzamelen zich rond de "Burning Man" voordat hij ceremonieel in brand wordt gestoken | Foto: Scott London / Lonely Planet

We zoeken onze plek op en beginnen met bouwen. Mijn vrienden en ik maken een Britse pub/flamboyante dragclub die we de Queen Dick noemen, een woordspeling op de kroeg uit EastEnders, de Queen Vic. Waarschijnlijk zal precies niemand die link leggen, maar dat maakt het alleen nog maar grappiger. We zetten een bar neer, een roze podium met een lichtgevend houten hart erboven en zelfs een heuse piano. We hebben 18 vaten bier en cider en honderden flessen sterke drank, die we allemaal gratis willen weggeven. Bij Burning Man wordt er geen geld gebruikt. Een veelvoorkomend misverstand is dat het een ruileconomie is, maar alles wordt gewoon weggegeven. “Geven” is een van de kernwaarden van de filosofie van Burning Man, samen met Radicale Inclusiviteit, Radicale Onafhankelijkheid en Radicale Participatie. Dat betekent dat er geen omstanders en toeschouwers zijn. Iedereen komt hier om zijn eigen rol te spelen en elk kampement, elke outfit en elk feest lijkt nog weer excentrieker dan de vorige. Burning Man is wat er gebeurt als 70.000 mensen vragen: ‘Is dit overdreven?’ en niemand antwoordt ooit: ‘Ja, dat is overdreven.’

Op de eerste avond, als de pub staat, spring ik op mijn fiets en rijd ik diep de playa in. Ik kijk toe hoe de zon ondergaat boven de stad en de hemel boven een verre bergketen paars kleurt. Het zwakke laatste licht van de dag verdwijnt in het zwart van de nacht. De horizon licht op door talloze neonlichten, maar het zijn onbetrouwbare ijkpunten. Naast de kampementen zijn er honderden langzaam voortbewegende voertuigen, art cars, die over de playa bewegen zonder duidelijke logica. Piramides, enorme schapen, vuurspuwende draken en een schaalmodel van de Golden Gate Bridge staan nooit waar je ze achtergelaten hebt. Allemaal bonken ze op de beat van hun eigen geluidsinstallatie; zelfs een paar van de meest beruchte nachttenten (met namen als Mayan Warrior en Robot Heart) zijn mobiel. Op een gegeven moment raak ik helemaal gedesoriënteerd. Ik maak mijn fiets vast aan een schip dat voorbij glijdt en klim aan dek. Ik grijp me vast aan het want en onder de indruk staar ik om me heen. Soms heb je in het leven iets nodig om je aan vast te klampen, ook al is het een gigantisch neon piratenschip in de woestijn.

Nu begint het echt. Waarom heb ik in godsnaam mijn pub verlaten?

Terwijl ik hopelijk een soort van in de richting van 7:45 en E fiets, kom ik langs feestgangers in outfits die net zo uitvoerig zijn als de kunstwagens. Er zijn BDSM-punkers en steltenlopers in baljurken, Mad Max-krijgers en modellen in bikini’s. Op een avond zie ik een stel in chinobroeken en fleece truien met camera’s om de nek. De rest van de week blijf ik me afvragen of deze vreemde gewaarwording ging om twee mensen die gewoon hun normale kleren droegen of twee conceptualisten die net dat ene kostuum samengesteld hadden dat hier echt opvalt.

Net als ik behoorlijk vermoeid begin te raken van het fietsen op die eerste avond, zie ik een rustplaats: een klein groepje banken midden in de woestijn. Het is alsof Burning Man perfect ingespeeld heeft op mijn behoefte. De hele week door gebeurt dit keer op keer. Hongerig?
Kijk, daar worden quesadillas uitgedeeld. Moe? Daar kun je een kop koffie halen, alhoewel je er misschien ook wel een gratis potje spanking bij krijgt. Trek je de hitte niet zo goed meer? Kijk, een lounge vol mensen die koud water op je sprenkelen. Behoefte aan een sterke cocktail? Hier, kies maar uit. De stelregel is: ‘The playa provides’. Langzaam, moment na moment, plek na plek, voelt de woestijn minder ongastvrij.

Uiteindelijk wankel ik terug de verwelkomende boezem van de Queen Dick in. Mijn vrienden zijn aan het dansen op de bar en gieten shotjes in de monden van een groep mensen die ik nog nooit eerder heb gezien. De nacht wordt dag en de dag wordt nacht. Elke morgen wissel ik in de pub adembenemende verhalen uit over de dingen die we gezien en gevonden hebben. Ik hoor verhalen over dingen die ik me nooit had kunnen voorstellen. Iedereen heeft wel weer een andere reden om naar Burning Man te gaan en voor iedereen is Burning Man weer anders.

Geen kostuum is te gek op Burning Man | Foto: Scott London / Lonely Planet

Er is slechts één universele ervaring en die vind je in de naam van het feest. Op de voorlaatste avond laten we onze fietsen achter en lopen we naar de man. We verzamelen ons alle 70.000, in het centrum van onze nieuwe gemeenschap, om hem te zien branden. We zitten in een enorme kring en juichen en joelen als hij vlammen op gaat. We blijven nog even rustig hangen en laten de warmte in ons gezicht prikken. De volgende dag beginnen we de pub weer uit elkaar te halen. Als we klaar zijn vegen we de grond nauwgezet aan en zorgen we dat er geen vuiltje blijft liggen. Over rotzooi wordt niet lichtzinnig gedacht. Het staat bekend als ‘MOOP’ (Matter Out Of Place) en dat achterlaten is een onvergeeflijke faux pas. Als we weer weg zijn, zal de woestijn er weer net zo leeg en onheilspellend uitzien als toen we aankwamen.

Wellicht wat aan de late kant sijpelt bij mij het besef van de waarde van de woestijn binnen. Je raakt makkelijk afgeleid door de duizelingwekkende lichten en geluiden van Burning Man, de chaos, het hedonisme, maar onder dat alles bevindt zich een enorme schone lei. Elke dansvloer, elk kunstwerk, alles wat je ziet en aanraakt is door iemand aangelegd, voor jouw plezier. Alles dient een doel. Op dit uitgestrekte canvas komen we samen om te bouwen wat we maar willen, te dragen wat we maar willen, te zijn wat we maar willen. Voor dit korte en wonderbaarlijke korreltje van tijd is het ons thuis.

Make it happen

Burning Man, 28 augustus - 5 september 2022

Kaartjes kopen

Kaartverkoop voor Burning Man verloopt in fases. Houd de website in de gaten voor verkoopdata; in juli komt weer een verkoopronde. Om een kaartje te kopen, moet je in ieder geval zorgen voor een online ‘Burner Profile’ (tickets €550;
burningman.org).

Voorbereiding

Op de website vind je een overvloed aan informatie over wat je mee moet nemen. Het leven in de woestijn vereist niet alleen zonnebrand en heel veel water, maar ook een stofbril voor in zandstormen. Vergeet je spullen om weg te geven niet en zorg voor de juiste formulieren als je eten en drinken wilt serveren.

Aankomst

Het dichtstbijzijnde grote vliegveld is Reno in Nevada. Om hier te komen stap je over in Londen en in een Amerikaanse hub als Dallas of Chicago. De rit naar Black Rock City duurt ongeveer 2,5 uur. Voor informatie over carpoolen, bussen of ander alternatieven kijk je op burningman.org.

Leefregels

Burning Man is een vreemde balans tussen alle ingewikkelde voorbereiding die je nodig hebt voor ‘Radicale Onafhankelijkheid’ en het openstaan voor spontane momenten. Let goed op je gezondheid op de playa, maar verwacht niet dat je afspraken kunt plannen...

Openingsbeeld: Scott London/Lonely Planet