Welkom in Santiago de Cuba


Je kunt Santiago de Cuba op twee manieren beleven: als een hete, onstuimige stad vol pooiers en poespas die je snel op de eerste bus terug naar Havana zal sturen, óf als het sprankelende culturele centrum dat een centrale rol speelt in de opmars van Cubaanse literatuur, muziek, architectuur, politiek en etnologie. Santiago verdeelt de meningen bijna net zoveel als Fidel Castro. Het is een haat-liefdeverhouding waarbij het zelden voorkomt dat iemand geen kant kiest.

De stad is levendig dankzij een kosmopolitische mix van Afro-Caraïbische cultuur en ligt dichterbij Haïti en de Dominicaanse Republiek dan Havana. Santiago wordt daardoor net zozeer beïnvloed door het oosten als door het westen, wat de identiteit van de stad sterk heeft gevormd. Nergens in Cuba zal je zo’n kleurrijke combinatie van mensen of zo’n overweldigend gevoel voor geschiedenis vinden als in Santiago. Diego Velázquez de Cuéllar maakte van deze stad zijn tweede hoofdstad, Fidel Castro gebruikte de stad om zijn nationalistische revolutie te lanceren, Don Facundo Bacardí vestigde er zijn eerste rumfabriek en vrijwel alle Cubaanse muziekgenres, van salsa tot son, vonden hun oorsprong in de stoffige, ritmische en zinnenstrelende straten van deze stad.

Qua setting kan Santiago gemakkelijk mee met ’s werelds grootse stadscentra. De stad is prachtig gelegen tussen de ontembare Sierra Maestra en de azuurblauwe Caraïbische Zee. Daarnaast heeft het casco histórico (historische centrum) van de stad een air van veroudering en lichte verwaarlozing die doet denken aan Salvador in Brazilië of de slonzige buurten van New Orleans.

Santiago is bovendien broeierig, op meerdere manieren. Terwijl de temperatuur op straat kan oplopen tot meer dan 30˚ Celsius, bedrijven de jineteros (straatverkopers) op uiterst felle en bevlogen wijze hun handel in de schaduw. De stad heeft daarnaast ook te kampen met luchtvervuiling. Vooral in het centrale district, waar een kakofonie van motoren zwermt door de smalle straten die oorspronkelijk bedoeld waren voor paarden en voetgangers. Reizigers dienen dan ook behoedzaam te zijn. Ook al is het nergens echt onveilig, Santiago voelt in alles een beetje gekker, gejaagder en wanhopiger. Bezoekers zullen bereid moeten zijn het eigen tempo aan de stad aan te passen.

Openingsbeeld: mbbirdy / iStock